Home >

Fitnesscentra en VLAREM: een stand van zaken

Van de uitgebreide milieuwetgeving in Vlaanderen is vooral het VLAREM bekend: VLAREM I regelt de milieuvergunning en haar aanvraagprocedure, VLAREM II geeft een overzicht van de algemene en sectorale voorwaarden bij de uitbating van een hinderlijke inrichting. Laat ons even kijken in welke mate beide van toepassing zijn op de fitnesscentra.

De VLAREM-wetgeving maakt een onderscheid tussen 3 soorten van milieuvergunning: de vergunning klasse 1 en klasse 2, en de melding klasse 3. Deze laatste is letterlijk een loutere melding: daags na de kennisgeving aan de gemeente, via een specifiek dossier, mag de uitbating van start gaan. De vergunning klasse 1 is niet relevant voor de sector. Een klasse 2 tenslotte wordt afgeleverd door de gemeente, in principe binnen de 3 maand. Tijdens de procedure wordt een openbaar onderzoek gehouden. De beslissing zelf wordt ook openbaar bekend gemaakt, via uithangen van een gele affiche.

Welke vergunning vereist is, hangt af van de aanwezige activiteiten. VLAREM I omvat een lijst van “als hinderlijk ingedeelde inrichtingen”, op basis waarvan elke exploitant moet bepalen welk type vergunning van toepassing is. Deze indelingslijst werd grondig gewijzigd in maart 2009. Toen werden ook nieuwe formulieren voor aanvraag en melding van kracht.

Een fitnesscentra omvat diverse activiteiten: specifiek zijn de oefenruimtes, al dan niet met toestellen, en de sanitaire voorzieningen. In een aantal gevallen zijn hierbij een whirlpool, sauna of zelfs een klein zwembad aanwezig. Algemene zaken omvatten verwarming, airco, en opslag van brandstof of andere gevaarlijke producten.

Een vergunning of melding is alvast vereist in volgende gevallen:

Soms komt de vraag of voor een fitnesscentrum ook een vergunning dient aangevraagd als “lokaal met dansgelegenheid”. Het antwoord is duidelijk: indien enkel muziek wordt gedraaid tijdens groepsessies als spinning, aerobic e.d., is geen vergunning vereist. Wordt evenwel een ruimte ter beschikking gesteld voor vrij dansen of oefenen, waarbij muziek wordt gedraaid, dan is in principe wel een vergunning vereist.

Eénmaal de vereiste vergunning of melding bekomen is, dient nagegaan of de voorwaarden inzake uitbating worden gerespecteerd.

Zo gelden er normen voor de lozing van afvalwater, waarbij gestreefd wordt naar een scheiding tussen afvalwater en hemelwater, met hergebruik van dit laatste voor toiletspoeling en andere laagwaardige toepassingen.

Tanks voor opslag van gas en stookolie dienen geplaatst onder toezicht van een deskundige, die hiervan een verslag aflevert. Verder dienen deze tanks periodiek gekeurd te worden. Bij de opslag van gevaarlijke producten, en dat kunnen ook “banale” zaken zijn als reinigings- en ontsmettingsmiddelen, geldt de verplichting tot het voorzien in een inkuiping van 10% van de opgeslagen hoeveelheid.

Voor de uitbating van een zwembad, whirlpool of bijvoorbeeld ook het dompelbad bij een sauna, gelden heel wat voorwaarden inzake de infrastructuur, watercontroles en administratieve opvolging onder vorm van het logboek.

Wie meer informatie wenst, of concrete hulp bij zijn dossier, kan steeds contact opnemen met Bart Decraemer van VEKMO, een mede door UNIZO opgericht adviesbureau, op (050)47 47 11 of (016)22 59 58.

Bron: VEKMO

 

© 2006 - webdesign JMA - disclaimer